Start
Omhoog

Witte Paard 1 sluit in stijl af

Een overwinning op ZSC-Saende 2, dat weliswaar niet in zijn sterkste opstelling aantrad (onder meer de topscorer Edwin Woudt moest verstek laten gaan), mag met recht een sterk slotakkoord genoemd worden. Dat dit uiteindelijk niet genoeg was voor het kampioenschap kwam niet écht als een verrassing, hoogstens de wijze waarop concurrent De Eenhoorn 2 het benodigde matchpuntje binnenhaalde: 8 remises in een kort tijdsbestek! Tegenstander VAS 2 ging er (achteraf terecht) vanuit dat dit voldoende voor handhaving zou zijn. Ook in het amateurschaak heiligt het doel kennelijk de middelen. Maar wie weet is ons eigenlijk wel een dienst bewezen gezien want enige kopzorgen dienen zich aan ten aanzien van de teambezetting komend seizoen.

In de wedstrijd zélf kwamen we al snel op voorsprong. De ruilvariant waar schrijver dezes zich van bediende pakte wonderwel uit na een premature zwarte actie op de damevleugel.

Jaap was gelukkig weer fit genoeg om met zwart zijn bekende betonschaak te etaleren.Tegenstander Ben v/d Bergh voelde zich in een vroeg stadium al verplicht om remise aan te bieden.

Nog meer goed nieuws van bord 4 waar Jan Brink het type stelling kreeg waar je het in de Siciliaanse Alapin voor doet. Doorgaans is er dan nog heel wat geduld en zitvlees nodig voor een vol punt maar met enige medewerking van de tegenstander kwam dat er vrij snel.

Helaas niet het beoogde schokeffect aan bord 5 alwaar Thomas wederom geen plezier had van een vroegtijdig b5. Na een centrumdoorbraak vond de zwarte koning geen veilig heenkomen, 2˝-1˝.

Bij Paul bleef de actie ditmaal enigszins achterwege. Naar zijn zeggen deed tegenstander Boes in een Caro-Kann met Pd7 gewoon niets fout. Met een isolani op d4 gingen er steeds meer stukken van het bord maar ten slotte zat een verantwoorde winstpoging voor zwart er ook niet in.

Hoewel, wat dat laatste betreft ligt het natuurlijk ook aan de instelling van de spelers. Neem nu Jan Roebers. Krijgt aan het topbord met zwart al snel remise aangeboden van de nog ongeslagen Dennis Rosegg maar besluit dat hij daar niet voor uit IJburg is komen fietsen! Er ontstaat al snel een toreneindspel waarin Jan met haarfijne manoeuvres aantoont dat de vrije c-pion tóch een zwakte is.

De technische afwikkeling in het pionneneindspel mocht er vervolgens ook wezen!

Een belangrijk punt aangezien Christiaan had moeten erkennen wat in de Zaanse schaakwereld al lang en breed bekend is: je kunt René Hennipman veel geven maar geen actief stukkenspel richting vijandelijke koning! Er was nog even hoop toen onze man er met slechts 2 pionnen minder in een eindspel afkwam maar na een tijdnoodblunder was het direct over, 4-3.

En zo was de man waarop we volgend seizoen geen beroep kunnen doen weer eens als laatste bezig.

In een ook voor mij bekende variant van de Caro-Kann waarin wit een pionnenmeerderheid op de damevleugel heeft maar geen structuur aan de andere kant had oud-WP’er Jesper de Boer een onnauwkeurigheid begaan waar Tjerk op zijn beurt niet van geprofiteerd had. Derhalve dreigde hij in een ongemakkelijk toreneindspel te geraken maar zwart was zo vriendelijk om alleen de lopers op het bord te houden. Die gingen er ook snel vanaf en hoewel de zwarte koning actiever stond had Tjerk goed ingeschat dat de verre vrijpion uiteindelijk de x-factor vormde!

Witte Paard 1            -           ZSC-Saende2                                  5-3

Jan Roebers                -           Dennis Rosegg (2076)                        1-0
Chris de Saegher         -           Yuri Eijk (1965)                                  1-0
Christiaan Molenaar     -           René Hennipman (2024)                     0-1

Jan Brink                     -           Joris Moes (1990)                              1-0

Thomas Tates             -           Huib Middelhoven (1960)                    0-1
Paul van Haastert        -           Robert Boes (1920)                            ˝-˝
Jaap de Berg               -           Ben v/d Bergh (1977)                         ˝-˝
Tjerk van Blokland       -           Jesper de Boer (2034)                        1-0

                                                                                                                      Chris de Saegher

Ronde 8 - Witte Paard 1 op vinkentouw

De Zaanse broederstrijd in de laatste ronde biedt wellicht nog verrassende perspectieven want koploper De Eenhoorn 2 ging in ronde 8 onderuit tegen Tal/DCG terwijl wij zélf aan de goede kant van de score bleven tegen het tot dan toe op de 2e plaats staande Caďssa 4.

De Amsterdammers misten Helmer Wieringa die kennelijk nog niet hersteld was van zijn uitvluggernederlaag tegen ZSC-Saende 2 in Boko de vorige ronde. Maar sowieso was het maar afwachten hoe hun bezetting aan de topborden eruit zou zien want er wordt vrolijk op los gehusseld.

Christiaan trof het in ieder geval niet wat zijn winstaspiraties aanging want de solide Straat had een serie van 1 overwinning en 5 remises achter zijn naam staan. Vanuit een Franse Tarrasch ontstond het bekende eindspel met de witte meerderheid op de damevleugel waarin Christiaan een vroeg remiseaanbod gedecideerd van de hand wees maar zelfs een aardig ogende combinatie leverde wit niet voldoende voordeel op. Remise derhalve (voor beide nummer 6!).

Tjerk kiest bijna altijd voor het Damegambiet, ook als hij zoals ditmaal voor het volle punt wil gaan. Helaas is dit een vrijwel onmogelijke opgave als de tegenstander de witte stukken gebruikt om zich in te graven en alle spanning uit de stelling te halen. Maar verwijt dat een invaller maar eens!

Over ingraven gesproken: ikzelf (CdS) gaf na pionwinst mijn tegenstander weer eens alle ruimte om zijn stukken naar hartelust op de koningsvleugel te positioneren. Iets constructiefs viel al snel niet meer te bedenken en het wachten was op een allesvernietigend stukoffer. Dat kwam dan ook maar gelukkig kon mijn tegenstander daar in tijdnood geen passend vervolg aan geven waarna ik dankbaar een beslissende counter kon plaatsen.

Ook Jan Roebers stond lange tijd dubieus maar toen verrassenderwijs niet zijn eigen koning maar die van zijn tegenstander onder vuur genomen kon worden was het in wederzijdse tijdnood (één van Jan’s specialiteiten) snel beslist. Zéker toen de zwartspeler ook nog eens het vereiste aantal van 40 zetten bij nader inzien niet gehaald bleek te hebben.

De Amsterdammers scoorden tegen toen Thomas een kans miste om na wat mislukte pionoffers alsnog terug in de partij te komen, 2-3.

Vervolgens een belangrijk halfje voor Jan Rot. Een wellicht iets te creatieve aanpak van het altijd gevaarlijke Morra-gambiet had hem een tochtige koningsstelling bezorgd maar uiteindelijk gaf onze sterinvaller (2 uit 3 met zwart!) geen krimp.

Het beslissende punt werd binnengebracht door Paul. Zijn aanpak van de Caro-Kann was dan niet geheel volgens de boekjes, na zo’n zet of 30 lag de lange rokadestelling van zwart desalniettemin aan gort hetgeen een winststelling van D + P vs. T + T opleverde.

Niet voor het eerst was Jan Brink als laatste bezig en dat terwijl er zich bij hem al snel na de opening groot voordeel aftekende! Een wederom goed gelukte Stonewall leverde ditmaal dan wel geen koningsaanval op maar een na de bevrijdingszet e6-e5 zeer prettige drukstelling tegen de witte pion op e3. Volgens ingewijden had Jan die meermalen zonder bezwaar kunnen nemen maar hij deed dat helaas pas toen wit op de damevleugel al het nodige tegenspel ontwikkeld had. Dat was op zich ook nog geen reden tot zorg maar toen hij onnodig de witte a-pion liet doorlopen was zijn eerste nederlaag van het seizoen een feit. Gelukkig dus zonder gevolg voor de matchpunten!

 

Caďssa 4                                  -           Witte Paard 1                                      3˝-4˝

Roel van Duijn (2023)                 -           Jan Roebers                                         0-1
Abe Willemsma (2060)                -           Chris de Saegher                                   0-1
Evert-Jan Straat (2011)             -           Christiaan Molenaar                               ˝-˝

Rob Bödicker (1999)                  -           Jan Brink                                              1-0

Cees Visser (1978)                    -           Paul van Haastert                                  0-1
Jouke van Veelen (1775)            -           Tjerk van Blokland                                ˝-˝
Hubrecht v/d Brekel (1938)         -           Thomas Tates                                       1-0
Lance Oldenhuis (1856)              -           Jan Rot                                               ˝-˝

                                                                                                          Chris de Saegher

Ronde 7 - Witte Paard 1 niet verder dan gelijkspel

In ronde 7 heeft het eerste ook haar positie op het vinkentouw moeten afgeven. Een 4-2 voorsprong  was niet voldoende zoals vorig seizoen in dezelfde ronde zelfs een 4-1 voorsprong nog tenietgedaan werd. Maar met een eventueel gebrek aan ‘ausdauer’ had het ditmaal niets te doen.

Een vredig begin bij Jaap kwam niet als een echte verrassing want ook nu liet zijn tegenstander zich weer niet verleiden tot gekke dingen tegen het Londen systeem. Zoals bekend kan Jaap pas écht gevaarlijk worden als hij daartoe gedwongen wordt!

Vervolgens een gezien het ratingverschil verplicht punt van Chris. Een praktisch kwaliteitsoffer leidde tot een stelling waarin de witspeler het al snel fout kon doen. Aldus geschiedde toen de gewenste stukkenruil vanwege een matdreiging geen doorgang kon vinden.

Christiaan had met wit niet veel bereikt maar wél dapper remise afgeslagen tegen hun topscorer. Al snel bleek echter dat er in het eindspel te weinig aanknopingspunten waren.

Ook Jan Brink moest genoegen nemen met een puntendeling toen de bij een geďsoleerde pion behorende stukkenactiviteit langzaamaan wegebde.

Paul bewees dat hij ook als tweede een punt kan binnenbrengen. De witspeler koos een variant waarbij de zwarte aanval niet zo snel van de grond komt. Maar uiteindelijk wisten Paul’s zware stukken via de h-lijn toch de weg naar de witte koning te vinden en was het pleit zo rond zet 30 beslecht.

Tjerk had weliswaar groot ruimtevoordeel op de damevleugel waarbij zwart zelfs even een paard op a8 moest posteren maar had daarvoor flink wat tijd moeten investeren. Toen er even later een dubbeltoreneindspel ontstond koos hij eieren voor zijn geld.

Daarmee was het vlak voor de eerste tijdcontrole 4-2 in ons voordeel en Jan Roebers stond op het punt de beslissende klap uit te delen. Net als Chris en Paul speelde hij al vroegtijdig Ph5 en bij hem leek dat nog sneller tot succes te leiden toen zijn tegenstander na het ‘schijnoffer’ Pf3xe5 er achter kwam dat hij niet met de dame op h5 terug kon nemen (wegens Lg4 met damevangst). Wellicht iets te losjes besloot Jan de kwaliteit en wat pionnetjes terug te geven maar daarmee kreeg hij met zijn 2 lichte stukken wél de witte koning in het vizier. Met een vis-ŕ-vis van toren tegenover witte dame op de h-lijn hoefde hij alleen nog maar een goed veld voor zijn loper op h4 te vinden. Helaas liet het gespeelde Lxg3 de desperado Txf7+ met torenruil toe (wél gezien door Jan maar niet helemaal goed ingeschat) waar Le7 dat verhinderd had. In het vervolg ontsnapte de witte koning ook nog uit eeuwig schaak en resteerde er een eindspel met een kwaliteit minder.

Inmiddels had Thomas zijn verzet moeten staken tegen weer een getalenteerd jeugdspeler. Aan de opening lag het zeker niet want Thomas leek met zijn Poolse b-pion dood en verderf te zaaien. Het ding kwam zelfs tot b2 maar de beoogde kwaliteitswinst Pc3 ging toen helaas niet op. In plaats daarvan verdween de pion in de doos en moest Thomas een kleine kwaliteit inleveren. Wanhopig op zoek naar ruimte voor zijn torens vocht onze man voor wat ie waard was maar een witte centrumdoorbraak besliste de strijd.

De laatste hoop op 2 matchpunten vervloog toen Jan ten slotte dameruil moest toelaten.
Geen uitzicht op de titel meer maar zeker qua prestige valt er in de laatste 2 wedstrijden nog genoeg te strijden!

Witte Paard 1                      -           Zukertort Amstelveen 3                           4-4

Jan Roebers                         -           Dennis Brouwer (2176)                            0-1
Christiaan Molenaar               -           Florian Jacobs (2050)                             ˝-˝
Chris de Saegher                   -           Bert Kampen (1838)                                1-0

Jan Brink                              -           Tjerk Sminia (1925)                                ˝-˝

Paul van Haastert                  -           Henk Boot (1867)                                    1-0
Tjerk van Blokland                  -           Renzo Finkenfluegel (1884)                      ˝-˝

Thomas Tates                       -           Roger Mehra (1804)                                 0-1

Jaap de Berg                         -           Peter de Heer (1968)                              ˝-˝

Ronde 6: Witte Paard trojka gespietst door Eenhoorn-reserves

Door een zeldzame offday van onze 3 topborden (tot dan toe nog zonder nederlaag!) is de wedstrijd tegen De Eenhoorn 2 op een deceptie uitgedraaid. Vanuit de opening hadden zij niets te klagen maar zo tegen de eerste tijdcontrole lieten zij zich gedrieën de kaas van het brood eten. De druk om vooral tegen 2e teams het goede voorbeeld te geven had ditmaal kennelijk een volledig averechts effect. Een goed optreden van het middenrif kon daar wat matchpunten betreft niets meer aan veranderen.

Om te beginnen met de laatste 2 borden waar juist altijd een aanzienlijk elo-verschil overbrugd moet worden: invaller Roland van Soest koos een voor zijn doen tamelijk solide Damegambiet maar moest toch toezien hoe de witte stukken steeds meer aanknopingspunten rond zijn koning kregen, uiteindelijk resulterend in kwaliteitsverlies.

Chronologisch meen ik dat Thomas de eerste uitslag binnenbracht: na een goed geslaagde openingsaanpak durfde hij wederom niet door te bijten en nam genoegen met een zetherhaling. Wellicht op dat moment ook nog ingegeven door een blind vertrouwen in de topdrie.

Paul kreeg niet de gehoopte Siciliaan maar ook tegen een mix van Aljechin en Skandinavisch had hij een geniepig aanvalssysteempje klaarliggen: gewoon a4 en h4 doen en de koning in het midden laten.

De kwaliteitswinst werd nog voor de eerste tijdcontrole verzilverd.

Man of the match was wat mij betreft toch Jan Brink gezien de voorbeeldige manier waarop hij vanuit een stugge Stonewall weer de juiste stukken voor een aanslag op de witte koning overhield.

Chris had ondertussen als eerste van het ‘driemanschap’ het loodje moeten leggen. Na op b7 gesnoept te hebben leken de zaken op de koningsvleugel in orde maar in plaats van veilig de pion terug te geven liet hij een tweede bombardement toe waarna de witte koning hulpeloos het vrije veld in moest.

Jan Roebers kon zich niet beheersen toen zijn koningsaanval afgewend dreigde te worden en gooide er een hele toren tegenaan. Dat leverde uiteindelijk in een afwikkeling naar het eindspel een iets te compact pionnenkwartet op welk een promotie helaas niet kon bewerkstelligen.

En tot overmaat van ramp zag Christiaan zich vanuit een schijnbaar riante stelling gedwongen zijn meest actieve stuk (dame) te ruilen waarna zijn pionzwaktes op de damevleugel op de korrel genomen konden worden. Het toreneindspel bleek na de tijdcontrole niet te houden waarmee de wedstrijd beslist was, 4˝-2˝.

Tjerk had het ‘succes’ aan de middenborden in ieder geval nog compleet kunnen maken maar met een kwaliteit tegen een pion zou dat nog een hele toer worden. Uit praktische overwegingen offerde Tjerk de kwaliteit terug, daarbij waarschijnlijk ook vertrouwend op zijn niet geringe uitvluggercapaciteiten.

Maar zijn tegenstander toonde zich daarin ook niet onbetuigd en het was Tjerk die in een laatste poging ijzer met handen te breken een enorme bok schoot.

Enfin, nu vrijwel iedereen van zijn ongeslagen status af is (op Jan Brink na!) kan er in de laatste ronden lekker vrijuit gespeeld (en hopelijk ook weer gescoord!) worden.

HSV De Eenhoorn 2                           -           Witte Paard 1                                      5˝-2˝

Joseph Molenaar (2075)                     -           Jan Roebers (2157)                              1-0
Tom Balla (2107)                               -           Christiaan Molenaar (2070)                   1-0
Alexander Geerts (2029)                    -           Chris de Saegher (2149)                       1-0
Ronald Ritsema (2040)                       -           Jan Brink (1983)                                   0-1
Jerrel Thakoerdien (2027)                  -           Paul van Haastert (1993)                       0-1
Wilco v/d Gracht (1931)                     -           Tjerk van Blokland (1997)                     1-0

Arjon Buikstra (2003)                        -           Thomas Tates (1747)                            ˝-˝

Rob Mulder (1973)                             -           Roland van Soest (1795)                       1-0   

                                                                                                          Chris de Saegher        

Ronde 5: Witte Paard 1 pakt koppositie

De wedstrijd tegen Oegstgeest 2 leek op papier misschien een formaliteit, zeker toen de tegenstander ook nog eens met 5 invallers moest aantreden. Gezien het partijverloop aan de meeste borden leek het dan ook geen wedstrijd met een verhaal te worden maar zo rond de eerste tijdcontrole was er een moment waarop zelfs het binnenhalen van de matchpunten even in twijfel getrokken kon worden.

Voor de verandering had ik de wat ruimere tafels gereserveerd voor de lagere borden en de onzen lieten zich daar kennelijk door inspireren want binnen de kortste keren werd daar groot voordeel gehaald. Dit in tegenstelling tot de topborden alwaar men zich al snel over het bekende probleem mocht buigen om van niets ‘iets’ te maken.

Invaller Jan Rot pakte de passieve witte opbouw goed aan, bereikte al snel een eindspel met een gezonde pluspion en leek dat aanvankelijk soepel uit te spelen. Mijn verbazing was dan ook groot toen ik hoorde dat hij vanwege een dreigende insluiting van zijn loper op een zetherhaling moest ingaan.

Christiaan kwam na een zijvariantje in de Grünfeld niet echt lekker in zijn spel (zou dat ook met zijn ditmaal wel héél late arriveren te maken gehad hebben?!), sloeg nog wel dapper remise af maar moest zich toch wederom in het ‘onvermijdelijke’ schikken.

Thomas kon eindelijk één van zijn geliefde SOS-variantjes op het bord brengen, kreeg m.i. een veelbelovende aanvalsstelling maar wilde de ‘sprong in het diepe’ niet maken.

Paul trof iemand waartegen hij in een Boedapester eerder slechte ervaringen had opgedaan.Ditmaal maakte hij er met d7-d6 een écht gambiet van en dat miste zijn uitwerking niet! In een middenspel zonder dames stond de witte koning bepaald niet veilig hetgeen Paul stukwinst opleverde. Weliswaar tegen 2 pionnen zodat het nog een tijdje duurde eer de vis op het droge gehaald werd en we eindelijk op voorsprong kwamen, 2˝-1˝.

Ook Jan Brink had al snel een stuk tegen 2 pionnen gewonnen maar de zaak was hier iets minder duidelijk zodat hij het teruggaf om initiatief te behouden. De zwartspeler kon echter de koningsaanval opvangen en afwikkelen naar een toreneindspel dat na de tijdcontrole in remise eindigde.

Aan de resterende topborden kon inmiddels ook de rekening opgemaakt worden betreffende het ‘stug op winst’ spelen der onzen. Ikzelf had een afwikkeling naar een onduidelijk pionneneindspel toegelaten waar ik gelukkig aanzienlijk meer bedenktijd voor had dan mijn tegenstander. Desalniettemin leek ik de teamoverwinning in gevaar te brengen door zomaar mijn e-pion op te laten halen maar met meer geluk dan wijsheid bleek dit de ultieme manier om juist nog mijn 100% score te handhaven! Kennelijk werd de spanning te veel en koos ik op zet 39 om onverklaarbare redenen ervoor om direct de pion terug te winnen ipv de zwarte koning te blijven domineren. Een geluk dat er nog een afwikkeling was naar een dame-eindspel waarin mijn tegenstander geen winstpoging deed.

Tjerk liet zelfs diverse malen een afwikkeling naar een pionneneindspel toe en mocht niet klagen toen zijn tegenstander daar pas op in ging toen diens pionnenmeerderheid op de koningsvleugel inmiddels lamgelegd was. En zo presteerde hij dus wél het onmogelijke en werd zijn werklust beloond!

Overwinning veiliggesteld en dat was maar goed ook want Jan Roebers had er in een partij die lange tijd onduidelijk was ook nog eens een kwaliteit tegenaan gegooid. Uiteindelijk bleken de vrijpionnen toch meer gewicht in de schaal te leggen zodat één en ander met 5˝-2˝ nog ruim uitviel!

Doordat Caďssa 4 van De Eenhoorn 2 verloor mogen wij met deze teams de 1e plaats delen en staan we op bordpunten zelfs bovenaan! Op het programma staan echter nog de nummers 2 t/m 5!

Witte Paard 1             -           Oegstgeest ’80 2                     5˝-2˝

Jan Roebers               -           Johan Boots (1920)                  1-0
Chris de Saegher        -           Niek v/d Maat (1954)               ˝-˝
Christiaan Molenaar    -           Kees Scherpenisse (1886)         ˝-˝
Tjerk van Blokland      -           Bert van Brussel (1831)            1-0
Paul van Haastert       -           Rob Veenhuijsen (1937)            1-0

Jan Brink                    -           Ed Wagemans (1897)               ˝-˝
Jan Rot                      -           Cyp v/d Bult (1693)                  ˝-˝
Thomas Tates             -           Jan Brandt (?)                          ˝-˝

Ronde 4: Witte Paard 1 moet stapje terug doen

Het eerste team is tegen De Waagtoren 2 tegen haar eerste nederlaag aangelopen.

Lange tijd zag het er naar uit dat het aantal mee- en tegenvallers in evenwicht zou blijven maar uiteindelijk kon de in de 2 vooruitgespeelde partijen opgelopen achterstand net niet gerepareerd worden.

Op vrijdag 4 december mocht Jaap het spits afbijten met zijn vertrouwde Lf4-opstelling. Zwart liet het slaan op b2 wijselijk achterwege maar de gelegenheid tot een paardvork werd dankbaar aanvaard toen Jaap de dekking van d2 losliet. Kwaliteitsverlies derhalve en het taaie verzet mocht niet meer baten.

Een week later moest Tjerk het met zwart tegen hun op papier sterkste speler opnemen. De opdracht om de achterstand in ieder geval niet groter te laten worden vervulde hij met verve: niet verzaken in een lange theoretische variant van de Svesjnikov en via wat schijnbewegingen driemaal dezelfde stelling op het bord brengen. Enigszins verrast kon de Alkmaarder er geen speld tussen krijgen.

En zo ging het resterende zestal (verspreid over treinen die al dan niet vertraging hadden) op zaterdag 12 december met gepast optimisme naar Het Gulden Vlies in Alkmaar. Bij uw teamleider vervloog de hoop op een goede afloop echter al snel want zijn goed voorbereide tegenstander draaide met fijnzinnige positionele manoeuvres behoorlijk de duimschroeven aan. Toen ook nog eens de tijdnood hoog leek te worden was de redding tóch nabij: de zwarte stukken waren nog maar net losgekomen of de witspeler ging al in de fout en even later was de gelijkmaker een feit.

Over de 3 remises die in het vervolg vielen mochten we ook niet klagen: Jan Brink was zijn geďsoleerde pion kwijtgeraakt maar hield stand in een dubbeltoreneindspel, Christiaan had met zijn dame en paard bepaald niet veel aanknopingspunten en Thomas liet het tegen de tactisch immer gevaarlijke Piet Pover niet op tijdnoodcomplicaties aankomen.

Zo hadden onze Amsterdamse troeven de beslissing dus in handen en had ik stiekem de matchpunten al geteld maar ook hier bleken de uitslagen niet helemaal conform de stellingen op het bord. Paul had dan wel een fraaie aanvalsstelling maar toen hij op een kritiek moment een kansrijk kwaliteitsoffer achterwege liet nam zijn tegenstander het initiatief over, 4-3.

Jan Roebers zat een prima Spaanse partij te spelen en beantwoordde een wanhoopsoffer van zijn tegenstander weliswaar niet met de beste, dan toch wel met de meest praktische afwikkeling naar een eindspel met 2 pionnen meer. Bij een achterstand blijkt zo’n eindspel natuurlijk weer niet zo makkelijk gewonnen als op het eerste gezicht lijkt en kan een wat minder optimale voortzetting er al toe leiden dat het winstpad heel smal wordt. Sterker nog, de inschattingen langs de kant varieerden al snel van ‘problematisch’ tot ‘niet meer te winnen’ en zo kon het gebeuren dat dit konijn de Kerst wél haalde.

De volgende wedstrijd tegen Oegstgeest 2 zal de definitieve seizoenstrend bepalen.

Waagtoren 2                           -           Witte Paard 1                          4˝-3˝

Rob Konijn (2050)                   -           Jan Roebers                            ˝-˝
Wim Andriessen (1914)           -           Chris de Saegher                       0-1
Wim Nieland (1960)                 -           Christiaan Molenaar                 ˝-˝
Daan Bes (2094)                     -           Tjerk van Blokland                   ˝-˝
Dirk v/d Meiden (1961)            -           Jaap de Berg                             1-0
Peter Hoekstra (1954)             -           Jan Brink                                 ˝-˝
Marten Coerts (1944)              -           Paul van Haastert                      1-0

Piet Pover (2001)                    -           Thomas Tates                          ˝-˝

Ronde 3: Witte Paard 1 blijft winnen  

Ook in de 3e ronde is het eerste team aan de goede kant van de score gebleven. Tegen VAS 2 werd het 4˝-3˝, vooral dankzij een hoge score aan de eerste 4 borden (zoals het hoort tegen een reserveteam!). Al moet gezegd dat bij de tegenpartij wederom de vaste 1e bordspeler ontbrak.

Het duurde een tijdje voordat de eerste uitslag neergezet werd. Jan Brink was probleemloos uit een rustige variant tegen zijn Caro-Kann gekomen, had de bekende druk tegen d4 maar meer dan remise zat er niet in.

Paul’s stelling leek na een van beide kanten originele openingsaanpak weer een kolfje naar zijn hand maar helaas werd hij gedwongen om tegen zijn natuur op pionwinst in te gaan waarna het tegen de tijdcontrole opeens misging. Aldus een lelijke tegenvaller, temeer daar bij Thomas de pionoffers juist weer niet werkten. Het zit hem wat betreft de openingen die op het bord komen bepaald niet mee. Wederom trof hij een tegenstander die de Pirc op zijn repertoire heeft zodat de gewenste Richter-Veresov nog even in de wachtkamer moet blijven.

Gelukkig werd er inmiddels aan de topborden flink wat tegengas gegeven bijv. door Christiaan die zonder angst met zijn dame op b2 had geslagen en in het vervolg nog meer zwakke pionnetjes op de korrel nam. Ook Tjerk had een pionnetje buitgemaakt en ving in de ‘uitvluggerfase’ voor zet 40 koeltjes een wanhoopsstukoffer op, 2˝-2˝.

U merkt wel dat ik (CdS) niet heel veel van de andere partijen gezien heb aangezien er voor de verandering aan mijn eigen bord ook het nodige gebeurde. Mijn openingsaanpak leek niet veel op te leveren maar dat veranderde toen mijn tegenstander ipv het terugslaan van mijn zwartveldige loper het ding liet doorslaan op g7 in ruil voor een tamelijk kreupel paard op de damevleugel. Met een pion minder was de beste kans voor zwart gek genoeg de vlucht in een eindspel, zéker toen ik het ook nog eens naliet om de breekzet c7-c5 te verhinderen waarmee zwart een prachtig pionnencentrum in handen kreeg. Mijn lopers hapten naar velden en lucht en tegen beter weten in ging ik maar met mijn vrijpionnen lopen. Op het kritieke moment ging mijn tegenstander helaas in de denktank en zou hij het praktisch teruggeven van een stuk ongetwijfeld vinden (waarna niet wit maar juist zwart een sterke vrijpion gekregen had!). Verbazing en opluchting alom toen hij niets beters wist te vinden dan het geven van een volle toren waarna ik het ondanks lichte tijdnood met een kwaliteit meer soepeltjes uitschoof.

Dat was dan meteen de beslissing in de wedstrijd want Jaap was de gehele partij ‘in control’ geweest en had zelfs een pluspion in een pionneneindspel dat echter door de actieve stand van de zwarte koning niet te winnen was. Ook Jan Roebers had na een interessante partij een stelling waarin alleen hij op winst kon spelen. Dat was echter niet geheel zonder risico en met het oog op de matchpunten dwong hij eeuwig schaak af.

Aangezien HSV De Eenhoorn 2 een half bordpuntje meer scoorde in de topper tegen ZSC-Saende 2 moeten we de koppositie nu delen.

Volgende keer tegen De Waagtoren 2, een club waar ik niet graag van verlies en zéker niet als koploper!

Witte Paard 1                          -           VAS 2                                              4˝-3˝

Jan Roebers                            -          Niek Oud (2069)                                   ˝-˝
Chris de Saegher                     -          Niels van Dam (2022)                           1-0
Christiaan Molenaar                -           Milan Ramer (1954)                               1-0
Tjerk van Blokland                 -            Lennert van Oorschot (2011)                  1-0

Jan Brink                                -           Ticho Cornelisse (1906)                         ˝-˝
Thomas Tates                         -          David Kleeman (2014)                            0-1

Paul van Haastert                    -           Sietske Greeuw (1890)                          0-1
Jaap de Berg                           -           Joost van Dongen (1804)                      ˝-˝

Ronde 2: Witte Paard 1 soepel langs verzwakt Tal

Het lijkt er inderdaad op dat we de blik dit seizoen definitief naar boven kunnen richten.
Daarbij dankbaar gebruik makend van de opstelling die Tal ons voorschotelde al hoeven we daar ook weer niet alles aan op te hangen want 6-2 is natuurlijk onder alle omstandigheden een puike prestatie.

Helaas ontbrak op het topbord wederom de sympathieke oud-Witte Paarder Wim Luberti (ditmaal had Jan zich op een wedertreffen verheugd) en naast hun super-topscorer misten de Amsterdammers nog 2 basisspelers. De invallers werden uit het 3e team (of lager?!) gehaald en zo kon het gebeuren dat hun tweede team deze dag een gemiddeld hogere rating had!

We kwamen nog wél op achterstand aangezien Thomas het niet trof dat hij in hun talent Tjark Vos nog één van de gevaarlijker spelers te bestrijden kreeg. Hoewel niet onder de indruk van diens openingsbehandeling schoot Thomas er al snel een vitale pion bij in waarna de jeugdige Amsterdammer alle ruimte kreeg om de partij combinatoir te beslissen.
Maar zoals me al door Jaap toevertrouwd werd had Paul het al weer snel voor elkaar door zoals zo vaak een pionnensnoepende tegenstander genadeloos af te straffen, 1-1.

Jaap zélf kon zich ondertussen gezien de ontwikkeling aan de overige borden permitteren om zijn vanuit het Frans verkregen comfortabele stelling remise te geven, al was de lichte druk van de witte stukken op de damevleugel daar ook een reden voor.

Jan Brink bediende zich weer van de Spaanse Ruilvariant waarbij tegenstander Jan Nagel zichzelf vrijwillig een geďsoleerde dubbelpion bezorgde. Niet gehinderd door de kennis dat juist in het eindspel de meest minimale voordeeltjes uitgemolken kunnen worden bood die dan ook ettelijke malen remise aan, evenzoveel keren vriendelijk geweigerd door onze Jan.

Nog voor de eerste tijdcontrole was het pleit al beslecht, 1˝-2˝.

Ikzelf had na een probleemloos verlopen Slavische opening (verstandige keuze na wat hardhandige nederlagen in het Konings-Indisch Vierpionnenspel tegen Tal-spelers) inmiddels ook een pionnenzwakte op de korrel kunnen nemen en al snel na de tijdcontrole werd er een zetdwang bewerkstelligd, 1˝-3˝.

Resteerden nog de partijen van Jan Roebers, Christiaan en Tjerk waarbij twee laatstgenoemden in een eerder stadium nog remise hadden afgeslagen en hun tegenstanders dat met het oog op de tussenstand nu ook zagen doen! En op het bord was daar misschien ook nog wel alle aanleiding toe, zeker bij Christiaan die in een toreneindspel inmiddels een pion achter was geraakt. Met een actieve opstelling van toren en koning wist hij echter opvallend snel al remise af te dwingen, 2-4.

Van actief stukkenspel was bij Jan lange tijd geen sprake maar hij wist zich gehaaid als altijd los te werken en toen zijn tegenstander remise uit de weg ging won hij met een optisch fraaie damezet een stuk!

Tjerk had inmiddels naar een toreneindspel kunnen vluchten waarin hij net niet in tempodwang gebracht werd. Sterker nog, hij behield zijn laatste pion waarmee hij nog even kon uittesten of de stelling van Philidor bij zijn tegenstander bekend was. Niet dus en met nog 10 seconden op de klok wist Tjerk het eindspel K+T vs. K tot een goed einde te brengen!

En zo viel de overwinning nog onverwacht ruim uit: 2-6.

Tal/DCG 1                              -           Witte Paard 1                          2-6

Hans Leeflang (2106)             -           Jan Roebers                            0-1
Rufael Mekuria (2111)            -           Chris de Saegher                     0-1      
Jeroen Cromsigt (1810)         -           Christiaan Molenaar                ˝-˝
Tobi Kooiman (1909)             -           Tjerk van Blokland                   0-1
Jan Nagel (1866)                    -           Jan Brink                                0-1
Tjark Vos (1771)                    -           Thomas Tates                        1-0
Cor Groen (1716)                   -           Paul van Haastert                   0-1
George Boellaard (-)               -           Jaap de Berg                           ˝-˝

Witte Paard 1 goed uit de startblokken 

Het eerste is het nieuwe KNSB-seizoen begonnen met een degelijke 5-3 zege op Utrecht 4.
    De teamleider gaf het goede voorbeeld door plaats te nemen aan het 2e bord hetgeen al voldoende was om het punt te incasseren aangezien onze gasten daar geen reservespeler voor hadden kunnen optrommelen. Gelukkig zijn bij ons niet zo vaak invallers nodig maar als de nood hoog is zoals nu inderdaad het geval was (Jan vanaf deze plaats beterschap gewenst!) staan representatieve vervangers als Jan Rot en André Meester vrijwel altijd klaar.
    De eerste échte uitslag kwam niet verrassenderwijs weer uit de partij van Paul. Een scherpe zijvariant in het Tweepaardenspel i/d Nahand werd door zijn tegenstander niet geheel adequaat opgevangen (1.e4,e5 2.Pf3,Pc6 3.Lc4,Pf6 4.Pg5,d5 5.exd5,Pd4!? 6.c3,b5 7.Lf1,Pxd5 8.cxd4?!,Dxg5 9.Lxb5+,Kd8 10.Df3,e4 11.Dxe4,Ld6 12.0-0,Pf6!? 13.h4?,Dxb5 14.Dxa8,Lxh2+ en zwart won snel.
    Aan het eerste bord boekte Jan Roebers ook al succes met een actieve aanpak van datzelfde Tweepaardenspel (maar dan met 4.d4). De witspeler beleefde weinig plezier aan het offeren van zijn d-pion want zo kon Jan’s e-pion uitgroeien tot een beresterke vrije c-pion met damewinst als gevolg!
    Door een tactische omzetting was Tjerk tegen hun met afstand sterkste speler komen te zitten en dat terwijl hij in eerste instantie nog geen eens mee zou doen! De in Dieren opgedane ervaring tegen 2200+ kon hem niet uit zijn netelige situatie (ontstaan uit een ietwat tamme aanpak van de Scheveninger) redden.
    Gelukkig was er bij ons ook een zwartspeler met een Siciliaanse modelpartij. In zijn vertrouwde Lb4-variant wist Jan Rot ettelijke pionnetjes te winnen en ondanks de ongelijke lopers was het pleit nog voor de eerste tijdcontrole beslecht, 4-1.
    Tóch gingen de gedachten nog even uit naar de wedstrijd van vorig seizoen waarin we ook met 4-1 voor stonden en het uiteindelijk nog een gelijkspel werd. Zeker toen Christiaan nog het onderste uit de kan wilde halen in een iets beter eindspel (gezien zijn partijverloop overigens terecht). Op een zeker moment dachten we dat ie zich verrekend had maar zijn laatste pion leverde tóch winst van de loper op, echter niet van de partij.

  
André had inmiddels zijn zware verzet moeten opgeven nadat hij vanuit een goed opgezette Trompovsky door een taxatiefout in een eindspel van slechte loper tegen goed paard terecht was gekomen maar de matchpunten waren nu binnen.
    De partij van Thomas was rustig begonnen maar in de tijdnoodfase braken de schermutselingen aan:
pionoffertje op de damevleugel, niet optimaal benutte aanvalskansen op de koningsvleugel, plotselinge kwaliteitswinst, kwaliteit weer inleveren, zwarte koning blijven bestoken met dame en toren. Het dameeindspel was wellicht nog steeds voor zwart gewonnen maar gezien de tijd durfde de Utrechtenaar cq. oud-Zaankanter het niet aan om met zijn koning richting de machtig opgestelde dame van Thomas te wandelen. Een zwaarbevochten remise dus, 5-3.

Witte Paard 1-   Utrecht 4                    5-3

J.Roebers        -   M.Kerkhof (1914)        1-0
C.de Saegher  -    n.o.                            
1-0
C.Molenaar     -    H.T.Wagenaar (1916)  ˝-˝
T.v.Blokland    -    R.Beekman (2294)       0-1
P.v.Haastert    -    M.Remkes (1891)        1-0

T.Tates           -    M.J.Post (1805)          ˝-˝

J.Rot               -    O.Huizer (1778)          1-0
A.Meester       -     B.Semeijn (1932)        0-1

 

 

 

 Laatst gewijzigd op 15 juni 2010 12:22